Onderzoek, Publiek en presentatie

Erfgoedtalent: Roy Sjoers over aandacht voor bijzondere breinen

Gepubliceerd: 22 november 2018 om 16:20   /   door

Roy Sjoers werkt bij Museum het Dolhuys in Haarlem. Hij is onlangs afgestudeerd aan de Reinwardt Academie, de museumopleiding in Nederland, met een scriptie over diversiteit op de werkvloer. Hij pleit voor aandacht voor mensen met afwijkende breinen. Museum Het Dolhuys doet dat, mensen die buiten de boot dreigen te vallen krijgen een herkansing. Inmiddels zijn ruim dertig mensen doorgestroomd naar betaald werk.

 Je hebt je scriptie geschreven over mensen met normale en afwijkende breinen. Waarom?

“Normaal is niets meer dan het gemiddelde van alle afwijkingen. Iedereen is dus een unieke uitgave, zo ik ook. Ik ben bijvoorbeeld sneller afgeleid dan de meesten (ADD). Ook kan ik niet zo goed hoofdrekenen (dyscalculie). Het heeft me altijd verwonderd hoe snel mensen je labelen en soms zelfs wegzetten op basis van een afwijking van het gemiddelde. Al snel kreeg ik van klasgenoten bijvoorbeeld het label ‘dom’ omdat ik de basisvaardigheid rekenen niet onder de knie kreeg.

In mijn jeugd waren de labels ook niet misselijk vanwege mijn homoseksualiteit en overgewicht. Na de puberteit kwam het besef dat mijn ADD, dyscalculie en homoseksualiteit geen enkel probleem vormden om actief deel te nemen aan de maatschappij. Ik kon studeren, boekhouden gaat me redelijk af met rekenmachines, en in Nederland heb je het in vergelijking met andere landen erg goed als homoseksueel. Ik ben dus eigenlijk erg ‘lucky’. Want wat nou als je niet mee kan of mag doen als volwassene?

Je pleit dus voor meer aandacht en acceptatie van diversiteit, niet alleen voor gender maar ook voor diversiteit in breinen?

“Door mijn afstudeerstage bij museum het Dolhuys ben ik in aanraking gekomen met een term waar ik nog nooit van had gehoord: Neurodiversiteit.  Deze term wordt gebruikt om onzichtbare verschillen op het gebied van het brein en de geest te duiden, zoals autisme en ADD. Het belang van het benoemen en waarderen van deze vorm van diversiteit is, volgens de New Yorkse psychologe Dr. Devon MacEachron, dat personen met deze onzichtbare verschillen vaak last hebben van stigma en vooroordelen. Zij zijn bij voorbaat al onwaardige leden van de maatschappij omdat hun brein anders werkt. Maar volgens MacEachron hebben deze mensen talenten die onze maatschappij ten goede kunnen komen. We zijn echter niet goed in staat verder te kijken, termen als disfunctioneel, aandoening en handicap staan in de weg. Museum het Dolhuys lijkt hierin een uitzondering te zijn, hier krijgen mensen met een afwijkend brein de mogelijkheid om te integreren. Maar ook als je een burn-out hebt kun je hier re-integreren in de maatschappij.

Wat kunnen andere musea hiervan leren?

“Museum Het Dolhuys heeft geen re-integratieformule op papier die kan worden overgenomen. De re-integratietrajecten zijn wel gestandaardiseerd. Elk traject doorloopt dezelfde stappen: aanmelding, matching, werktraject, afronding en in sommige gevallen doorstroom. Het doel van het traject is een persoon weer in een dagritme te krijgen, opnieuw leren omgaan met werkdruk en opnieuw leren wennen aan verantwoordelijkheden en gezagsverhoudingen. De ultieme uitkomst is doorstroom naar betaald werk of in andere gevallen naar zinvolle dagbesteding. Gemiddeld duurt een re-integratietraject 1,5 jaar. De afgelopen jaren zijn via re-integratietrajecten meer dan 30 mensen doorgestroomd naar betaald werk.

Kun je drie elementen noemen die de re-integratietraject van het Dolhuys zo succesvol maken?

“Ten eerste is dat het aanstellen van een vrijwilligerscoördinator met kennis van en affiniteit met re-integratietrajecten. Deze vrijwilligerscoördinator zorgt, in samenwerking met de partners van het museum voor de werving en het bepalen van de draagkracht van de organisatie op het gebied van dagelijkse begeleiding.

Ten tweede zijn dat samenwerkingspartners. Voor het Dolhuys zijn een aantal samenwerkingspartners voor de hand liggend: organisaties met de geestelijke gezondheidszorg. Er zijn echter andere samenwerkingspartners te bedenken die passen bij jouw organisatie en de draagkracht van de organisatie. Veel culturele organisaties hebben bijvoorbeeld een nauwe band met hun lokale overheid die verschillende netwerken op het gebied van re-integratie in de regio goed kennen.

Tot slot is draagkracht binnen de organisatie belangrijk. Afdelingen binnen de organisatie moeten ervoor open staan. De directie moet hier ook een duidelijk signaal geven. Het geformuleerde statement vanuit de directie is glashelder: ‘Het Dolhuys gelooft in een samenleving waarin je, wanneer je geest anders werkt dan normaal, gehoord en gezien wordt en mee kan doen op basis van gelijkwaardigheid.’

Wat is je wens voor de toekomst

“Ik hoop dat musea mee willen werken aan een samenleving waar mensen met een geest die anders werkt mee kunnen doen op basis van gelijkwaardigheid. Ik help ze graag op weg.

Verder ben ik in augustus begonnen aan mijn nieuwe baan als assistent bedrijfsvoering bij het Dolhuys. Mijn rol als assistent bedrijfsvoering is onder andere om de succesformule re-integratie verder te ontwikkelen onder leiding van de vrijwilligerscoördinator.

 

Roy Sjoers (1989) heeft zijn stage gevolgd bij Museum Het Dolhuyswaar hij na zijn afstuderen aan de Reinwardt Academie is aangenomen als Assistent-Bedrijfsvoering.

Foto: Roy Soers

Museumpeil zet erfgoedtalent graag in het zonnetje. Ben of ken je een erfgoedtalent: redactie@museumpeil.eu